Frequente reizigerGeneral aviationHistorische luchtvaartLongreadNaast het nieuws

A Day at the Museum | Longread

In het zuiden van Arizona, zo’n twee uur rijden vanaf hoofdstad Phoenix, ligt de grote stad Tucson. De naam van de stad stamt af van Cuk Şon, dat zwarte basis betekent. Dit is een verwijzing naar de vulkanische bergen ten westen van de stad. Tucson telt ruim 500.000 inwoners en is bij luchtvaartfans vooral bekend vanwege het reusachtige vliegtuigkerkhof en het er naast gelegen Pima Air & Space Museum. Redacteur Remco de Wit trok een hele dag uit voor museumbezoek en kwam al snel tot de conclusie: dit is het mooiste luchtvaartmuseum ter wereld.

Ingang museum ©Remco de Wit

Schilderbeurt
Het museumgebied omvat maar liefst 610.000 vierkante meter. Binnen en buiten worden in totaal zo’n 300 vliegtuigen tentoongesteld. Door de kurkdroge lucht roesten de kisten buiten niet, maar ze verbleken wel. Met enige regelmaat krijgen de vliegtuigen dus een schilderbeurt. Het museum telt zes grote tentoonstellingruimtes (in hangaars) met elk een apart thema. Zo is er een speciale Space Gallery en een 390th Memorial Museum. Dit is eigenlijk een museum in een museum, volledig gewijd aan de B-17 Flying Fortress en de 390th Bomb Group.

390th Memorial Museum ©Remco de Wit

Treintje
Wie buiten alle vliegtuigen wil bekijken en fotograferen moet daar flink wat tijd voor uittrekken. De afstanden zijn groot en het kan erg warm zijn. Zonnebrand en voldoende water zijn geen overbodige luxe. Het museum laat tegen betaling een treintje rijden langs de tentoongestelde vliegtuigen. Voor de echte luchtvaart diehards heeft het museum nog een andere leuke optie: een busexcursie naar het naastgelegen vliegtuigkerkhof van de United States Air Force.

Boeing B-47 Stratojet ©Remco de Wit

Glimp
De geschiedenis van het Pima Air & Space Museum gaat terug tot 1966. De aangrenzende vliegbasis Davis-Monthan en het vliegtuigkerkhof MASDC (tegenwoordig AMARG) begonnen vliegtuigen uit de Tweede Wereldoorlog en de jaren vijftig tentoon te stellen op de vliegbasis, maar langs het hek. Op die manier konden belangstellenden er toch een glimp van opvangen. In 1966, ter gelegenheid van het 25-jarig bestaan van de United States Air Force, ontstonden er plannen voor een apart museum dat voor het publiek toegankelijk zou zijn. Toch duurde het nog tot 1976 voordat het nieuwe museum daadwerkelijk openging. De collectie bestond uit 50 toestellen en het museum leek in de begindagen nog het meest op een vliegtuigsloperij.

Museumhal ©Remco de Wit

Dreamliner
In de jaren erna groeide het museum steeds verder met nieuwe tentoonstellingsruimten en veel, heel veel vliegtuigen en helikopters. Een van de meest recente aanwinsten is een Boeing Dreamliner in de kleuren van ANA. Het is het tweede prototype van de 787. In samenwerking met enkele bekende kunstenaars kwam het Boneyard-project van de grond. Een aantal oude vliegtuigen (Super DC-3, Jetstar) dienden als canvas voor creatievelingen op het terrein van straat- en hedendaagse kunst.
Kijk op de website voor meer informatie over het Pima Air & Space Museum.

The author wishes to thank Mrs. Meghan Marum, Director of Communications of the Pima Air & Space Museum, for her help during the preparation of this article.

Dreamliner ©Remco de Wit
Lockheed Lodestar ©Remco de Wit
Brandweerauto ©Remco de Wit
Boneyard project ©Remco de Wit
Lockheed S-3 Viking ©Remco de Wit

Tags

Remco de Wit

Redacteur / fotograaf. Remco is jurist, communicatie-adviseur en luchtvaartfotograaf. Hij volgt de ontwikkelingen in de luchtvaart op de voet en legt ze graag op foto vast. Bovendien levert Remco ook tekst-bijdragen voor Up in the Sky.

Gerelateerde artikelen