ColumnGoof

Vogel? | Column Goof

Ik schrijf in het prachtblad ‘Piloot & Vliegtuig’ al vele jaren de rubriek ‘O Solo Mio’. Dat zijn korte interviews met mensen die net ‘solo gegaan zijn’. Maakt een onuitwisbare indruk op ze.



Onder de motieven om te gáán vliegen hoor ik vaak ‘je een vogel voelen’. Niet zelden dromen de geïnterviewden ‘s nachts dat ze kunnen vliegen! Letterlijk. Een diepgewortelde emotie, kun je wel stellen.

Wat mij verwondert is de afstand tussen deze droom en de werkelijkheid die er meestal op volgt. Zodra men het brevet op zak heeft wordt de autopilot ingeschakeld en de Garmin ingeprogrammeerd, om via de kortste lijn van A naar B te geraken. Het maken van een bocht wordt gezien als een betreurenswaardige onderbreking van deze bezigheid, doorgaans slechts noodzakelijk vanwege allerlei vervloekte wet- en regelgeving. Als de ATC een verkorte route toestaat, wordt dit met gejuich begroet!

De vogel die men ooit wilde wezen wordt geheel vergeten. Alle inspanning lijkt erop gericht om de afstand van mens tot adelaar juist weer zo groot mogelijk te maken. De prachtige beweging in drie dimensies wordt vermeden, of aan een machine overgelaten. Alsof men wel vol van begeerte in het echtelijk bed stapt, maar uiteindelijk de penetratie overlaat aan een vibrator.

Er zijn uitzonderingen. De aerobatic-piloot en de zweefvlieger. Maar alle anderen, vooral de professionals, vliegen teleurstellend vaak straight & level.

De deltavlieger is degene die nog het dichtste bij de vogel komt. Gewichtsbestuurd, volkomen intuïtief zwenkt hij door het zwerk. De beweging rond de drie assen wordt ingezet door het hele lichaam te bewegen – zoals ook de vogel dat doet.

De parapenter komt ook een eindje, maar hij neemt daarbij een houding aan of hij op de WC zit. En hij trekt aan twee touwtjes voor de besturing, als trok hij aan de Luxaflex. Niet echt de majestueuze sensatie de heerser der hemelen te zijn.

Nee, deltavlieger rules. En dat doe ik dus af en toe, om mij de voornoemde vogel te voelen. De mooiste vlucht die ik ooit maakte was er eentje tegen zonsondergang. De aarde bleef maar warmte uitstralen. Een klein uur bleef ik boven, gedragen door de luchtstromen die me keer op keer optilden, als waren het de transparante handen van de Schepper zelve. Dichter bij de vogel ben ik nimmer geweest. Letterlijk zelfs: een paar gieren vlogen oog-in-oog met me mee.

Ooit sprak ik een F-16-piloot die beweerdelijk zelfs een keer zijn schietstoel had moeten benutten toen zijn vliegende iPad het weer eens een keer had laten afweten. Hij refereerde venijnig aan mijn deltavliegen of ik ‘soms iets te bewijzen had’. Een voormalig verkeersvlieger had het eens laatdunkend over het ‘hangen aan een natte krant’.

Bij deze deel ik deze armzalige knoppendrukkers mede dat ik mij als vliegenier ver boven hen verheven acht. Alleen in de albatros en de adelaar erken ik nederig mijn meerdere.

 

Goof Bakker

Tags

Gerelateerde artikelen

Goof Bakker

Columnist. Goof is reclame-tekstschrijver en vlieger op de Cessna O-2A en de Yak-52. Hij geeft PlaneOwner uit en schrijft een column in Piloot & Vliegtuig. Goof schrijft ook voor diverse bladen, kranten (NRC / Volkskrant) en magazines.