ColumnFokkerGoofNaast het nieuws

Er komt weer een NL-Friendship! | Column Goof

Precies vandaag, maar dan gisteren, belde Paul Reijnen uit Los Angeles, waar hij zojuist als Jumbojet-piloot geland is. De man is normaal al gezegend met een jaloersmakend enthousiasme, maar deze keer krijg ik er helemáál geen woord tussen.

Essentie: bij heeft twee jaar geleden met een paar vrienden een club Vliegend Nederlandse Cultureel Erfgoed opgericht, en hij is de voorzitter. Doel is inmiddels bereikt. “Er gaat weer een Friendship vliegen in Nederland!”

Een Friendship? Voor de jongeren: Nederland had ooit een heel succesvolle vliegtuigfabriek: Fokker. En die fabriek had in zijn lange geschiedenis één extreem-succesvol verkeersvliegtuig: de Fokker Friendship. Ja: leuke – allitererende – woordspeling. Wie dat bedacht heeft weet ik niet. Anthony Fokker was al meer dan tien jaar tevoren overleden.  

Het succes was voor een flink deel toeval: anders dan andere fabrieken bouwde Fokker traditioneel verkeersvliegtuigen die aan hun vleugel hìngen, in plaats van erop te rusten. Dat had een onverwacht voordeel. Kijk maar eens naar het plaatje: omdat de motoren van de Friendship aan die hoge vleugel hingen, had het toestel relatief weinig last van de rotzooi die vaak op-wervelt van slechte, primitieve startbanen. Onbedoeld werd het vliegtuig daardoor de lieveling van honderden maatschappijtjes die op slechte en primitieve vliegvelden vlogen. Van Angola tot Alaska.

Bijna zeshonderd Friendships werden er gebouwd. Ze was dé opvolger van de DC-3 Dakota en opereerde, vanwege hun betrouwbaarheid zowel in de westerse wereld als onder primitieve omstandigheden.  In Nederland vlogen o.a. NLM CityHopper, Scheiner,  Philips, het Koninklijk huis de luchtmacht met de F27. Zelfs onze koning heeft vele militaire vlieguren F27 in zijn logboek staan.

Het toestel dat Pauls club heeft aangekocht is vijfendertig jaar in dienst geweest van een merkwaardig Amerikaans gezelschap, dat de gewoonte had om halverwege de vlucht uit het vliegtuig te springen: het US Army parachute team ‘Golden Knights’. Dit team van US Army parachutisten vormt samen met de US Airforce ‘Thunderbirds’ en US Navy ‘Blue Angels’ de elite van Amerikaanse demonstratieteams.

Paul: “De Knights hebben erg veel lol van hun twee Fokkers gehad, en ze werken erg hard mee om hun lieveling weer terug te brengen naar haar geboorteland. Ze vinden het prachtig dat hun fucker daar zelfs zal blijven vliegen en te zien zal blijven op airshows! Daarom hebben we ook zeecontainers vol onderdelen, en kasten vol geweldig nauwkeurig bijgehouden documentatie erbij gekregen. Alles is na al die jaren nog steeds tiptop in orde. We zijn eerder met andere Friendships bezig geweest, maar daar was dat altijd het struikelblok”.

Het is en blijft  vliegend cultureel erfgoed. Heel geschikt voor dit doel. De ambitie is dat het zal optreden bij airshows en jubilea in Nederland, maar je zou ook kunnen denken aan vluchten naar vliegfeesten in heel Noordwest-Europa, zoals Duxford en LeBourget. Daarnaast blijft het natuurlijk een fantastische parakist. Welke parachutist wil er nu niet uit een voormalig Golden Knight toestel springen?

Als je ooit een vluchtje mee kan maken, dan heb ik een tip voor je: ga onder de vleugel zitten! Dan zie je die merkwaardige ooievaarspoten in de motorgondels scharnieren. Bij de landing komen ze er op dezelfde grappige manier weer uit. Leuk man!

Goof Bakker

Tags

Goof Bakker

Columnist. Goof is reclame-tekstschrijver en vlieger op de Cessna O-2A en de Yak-52. Hij schrijft een column in Piloot & Vliegtuig. Goof schrijft ook voor diverse bladen, kranten (NRC / Volkskrant) en magazines.
Back to top button