Tot grote frustratie van Turkse minister van Buitenlandse Zaken, Hakan Fidan, staat Israël een mogelijke opheffing van Amerikaanse sancties in de weg. Daardoor heeft Ankara nog steeds geen toegang gekregen tot F-35-gevechtsvliegtuigen.
Sancties
In 2020 kreeg Turkije sancties opgelegd wegens de aanschaf van Russische S-400-luchtafweersystemen. Daardoor werd Ankara uit het F-35-programma verwijderd. Inmiddels waren de banden weer verbeterd en zei president Trump dat Turkije mogelijk weer toegang tot de F-35’s zou krijgen. Fidan zegt dat beide landen werken aan een manier om de sancties te versoepelen en de F-35’s alsnog te verkrijgen, maar dat Israël hier fel tegen is. ‘Ze willen niet dat landen in deze regio over bepaalde capaciteiten beschikken’, aldus Fidan tegen Turkse media.
Weinig vooruitgang
Hoewel de relatie tussen president Donald Trump en Erdoğan goed is, boekten de gesprekken tot nu toe weinig vooruitgang. Dat is opvallend, omdat Turkije een belangrijke rol speelde in het F-35-programma. TUSAŞ produceerde samen met Northrop Grumman onderdelen van de centrale romp en meer dan duizend componenten, ter waarde van 1,4 miljard dollar. Na de uitzetting werd de productie verdeeld over Duitsland, Italië, het Verenigd Koninkrijk, Noorwegen en Nederland.
Samenwerking van groot belang
Naast de levering van F-35’s is Turkije ook afhankelijk van motoren voor de KAAN-straaljager. Die moet als vijfde generatie jet opereren, maar het prototype gebruikt voorlopig nog oudere F-16-motoren. Volgens minister van Defensie Yaşar Güler heeft Turkije inmiddels de eerste tien motoren voor de KAAN ontvangen. Voor de resterende tachtig motoren wacht Ankara nog op goedkeuring van de Verenigde Staten. Tegelijkertijd ontwikkelt Turkije een eigen motor voor de KAAN. Tusaş koos in maart 2024 voor het TF35000-concept, dat een vermogen van 35.000 pound-force moet leveren. Ruim zesduizend meer dan de momenteel gebruikte motoren.


Verschillend
VWO