De voormalige DDA Classic Airlines Dakota PH-PBA, tegenwoordig in handen van Luchtvaartmuseum Aviodrome, ondergaat op dit moment een ingrijpende en opvallende transformatie. In Lelystad werken vrijwilligers aan het toestel om de rijke geschiedenis zo goed mogelijk tot leven te brengen in het museum, al leidde de overname eerder tot flinke kritiek, omdat liefhebbers het toestel liever hadden zien vliegen.
Aanpassingen aan de DC-3
Het meest opvallende detail is de rechterzijde van de DC-3. Die wordt momenteel teruggebracht naar de originele Market Garden-kleuren uit september 1944. In die periode vloog het toestel nog als 42-100971 vanaf RAF Cottesmore, midden in de geallieerde operaties boven bezet Europa. Die keuze is een bewuste reconstructie van haar militaire oorsprong. Minstens zo opvallend is wat er binnenin gebeurt. De cabine van de Dakota wordt namelijk exact gesplitst. Aan de linkerkant komt een klassieke, luxe passagiersindeling terug die verwijst naar haar latere civiele leven, inclusief haar rol als ‘Royal Transport’ voor het Nederlandse Koninklijk Huis in de jaren veertig en vijftig. Aan de rechterkant wordt juist de militaire realiteit zichtbaar gemaakt, met spartaans geplaatste paratrooper bucket seats zoals die tijdens oorlogsmissies werden gebruikt.
Museum kiest voor twee tijdlijnen
Met deze aanpak kiest Aviodrome voor een gelaagde presentatie waarin meerdere hoofdstukken uit de geschiedenis van de Dakota tegelijkertijd zichtbaar worden. De PH-PBA vertelt het verhaal van oorlog en vrede, militair en civiel gebruik, waarin verschillende tijdsbeelden elkaar letterlijk in dezelfde cabine kruisen. Hoewel de werkzaamheden nog volop gaande zijn en er volgens betrokkenen nog veel moet gebeuren, begint het concept nu al duidelijk vorm te krijgen, zoals te zien is op de foto’s.
Liefhebbers teleurgesteld
Aviodrome heeft met de Dakota definitief gekozen voor een toekomst als museaal erfgoed in plaats van als operationeel vliegend toestel. Uit het recent afgeronde onderzoek blijkt dat het niet haalbaar is om de iconische DC-3 in luchtwaardige staat te behouden, onder meer vanwege de hoge kosten, afhankelijkheid van externe partijen en het beperkte aantal inzetbare vluchten per jaar. Daarmee verdwijnt de eerder geopperde ambitie om het toestel incidenteel te laten vliegen, tot teleurstelling van liefhebbers, en verschuift de focus volledig naar een vaste presentatie in het museum.
Volgens Roy Ymker, general manager van het museum, is de terugkeer van de DC-3 een bijzondere aanwinst. ‘De DC-3 is een belangrijk onderdeel van onze geschiedenis, dus we zijn blij dat we dit verhaal kunnen blijven vertellen in Aviodrome én ervoor kunnen zorgen dat het vliegtuig voor Nederland behouden blijft’, aldus Ymker in een eerder interview.
DC-3 leeft voort in Engeland
Daar waar de DC-3 in Nederland niet meer zal vliegen, blijft het type elders wel actief voortbestaan. Zo heeft het Britse Aero Legends recent een Air Operator Certificate (AOC) aangevraagd om in de toekomst passagiersvluchten met een eigen Douglas C-47 Dakota uit te voeren. Volgens het bedrijf vormt dit een volgende stap in een langdurig traject met de Britse luchtvaartautoriteiten, met als doel om het publiek opnieuw de mogelijkheid te bieden om mee te vliegen met dit iconische vliegtuig.


