Na het definitief uiteenvallen van het Frans-Duitse FCAS-project, kijkt de Duitse tak van Airbus momenteel naar het noorden voor een alternatief. Het Zweedse Saab zou al in gesprek zijn met Airbus.
FCAS is verworden tot een soapserie die zijn weerga niet kent. De Frans-Duits knipperlichtrelatie kent vele episodes waarbij het einde van het project nabij leek, terwijl de staatshoofden van beide landen elkaar de volgende dag weer vrolijk de hand schudden en de boel susten. Nu lijkt het toch echt gedaan, nadat de Duitsers ook de handdoek in de ring lijken te gooien.
Volgens de Fransen ligt de schuld in Duitsland, omdat Airbus niet mee wil gaan in de plannen van Dassault. Airbus, echter, wijst op de afspraken die gemaakt zijn bij de lancering van het FCAS-project. De eisen die Dassault stelt over de nucleaire capaciteiten en de synergie met vliegdekschepen zijn volgens Airbus er later bijgekomen. Die vindt dat overdreven en te duur.
Alternatieven
Voldoende reden voor Airbus om elders te kijken. Nu blijkt dat het Duitse bedrijf al minstens zes maanden lang verkennende gesprekken voert met het Zweedse Saab. De Zweden zijn verantwoordelijk voor de snelle en soepele Gripens. Saab brengt daarbij belangrijke ervaring met zich mee in het ontwerpen van straaljagers, systeemintegratie en innovaties in de defensie-industrie.
Volgens Saab is een mogelijke samenwerking tussen beide bedrijven alleen reëel als er ook politieke wil is. Om die reden houdt de Duitse tak van Airbus ook nog andere opties voor mogelijk, waaronder GCAP. The Global Combat Air Programme is een samenwerkingsverband tussen het Verenigd Koninkrijk, Italië en Japan. Maar ook dit programma heeft enige tegenslag te verweken gehad.
Verschillende betrokkenen hebben aangegeven dat verscheidene samenwerkingsverbanden momenteel worden overwogen in Duitsland. De Duitsers zijn opzoek naar een vervanger voor de ouder wordende Eurofighters, en willen graag voorop lopen als het aankomt op de nieuwste generaties vechters.


