Ongeveer 250 voormalige vrachtvliegers van Martinair hebben in een jarenlang juridisch conflict met KLM een belangrijke uitspraak gekregen. Het gerechtshof Amsterdam oordeelt dat de vliegers geen aanspraak kunnen maken op de KLM-cao of de bijbehorende pensioenregeling, maar volgens het hof hebben zij in beginsel wél recht op loon over de periode waarin KLM hen niet aan het werk liet. Daarmee kan de uitspraak grote financiële gevolgen hebben.
Overgang naar KLM
De zaak draait om de overgang van de vrachtactiviteiten van Martinair naar KLM op 1 januari 2014. Het gerechtshof Den Haag bepaalde in 2021 al dat daarbij sprake was van een overgang van onderneming en dat de vrachtvliegers daardoor bij de blauwe luchtvaartmaatschappij in dienst waren gekomen. De airline en de Vereniging Nederlandse Verkeersvliegers (VNV) hadden dat standpunt jarenlang betwist. Een deel van de vliegers kreeg in de daaropvolgende jaren echter geen werk aangeboden, waardoor een nieuw geschil ontstond over de financiële gevolgen van de eerdere uitspraak. Het gerechtshof Amsterdam moest zich vervolgens buigen over de vraag waar de vrachtvliegers precies recht op hadden.
Geen cao, wel loon
De piloten stelden dat de overgang van onderneming automatisch betekende dat ook de arbeidsvoorwaarden van KLM op hen van toepassing werden. Daaronder vielen volgens hen onder meer de cao en de pensioenregeling van de maatschappij. Het hof gaat daar niet in mee. Toch betekent de uitspraak niet dat KLM over de hele linie geen financiële verplichtingen tegenover de voormalige Martinair-vliegers heeft. Volgens het hof bestaat er in beginsel wel een recht op loon over de periode van 1 januari 2014 tot 1 januari 2022, omdat KLM de vliegers na de overgang van onderneming niet daadwerkelijk tewerkstelde.
Het hof stelt daarbij dat het voor het recht op loon niet beslissend is of iedere individuele vlieger zich feitelijk bereid heeft getoond om vanaf 2014 werkzaamheden voor KLM te verrichten. De kern is volgens de uitspraak dat de vliegers door de overgang van onderneming bij KLM in dienst zijn gekomen en vervolgens niet aan het werk zijn gezet. De periode waarover loon wordt gevorderd loopt tot 1 januari 2022. Vanaf dat moment werden de betrokken vliegers, na de eerdere uitspraak van het gerechtshof Den Haag, daadwerkelijk bij KLM tewerkgesteld.
Financiële omvang
De uitspraak betekent nog niet dat de voormalige Martinair-vliegers direct een concreet bedrag uitgekeerd krijgen. Het gerechtshof kan op basis van de informatie die tot nu toe is aangeleverd niet voor iedere vlieger vaststellen hoe hoog de aanspraak precies is. De betrokken vliegers krijgen daarom de opdracht om per persoon hun vordering nader te onderbouwen en aan te geven op welk bedrag zij volgens hen aanspraak maken. Pas daarna kan de precieze financiële omvang van de uitspraak verder worden vastgesteld.

