Nee, het was me nooit eerder opgevallen. Schuin tegenover het huis waar alweer vele jaren een met mij bevriend echtpaar woont, ontbreekt een nummer in de huizenrij. Je zou verwachten dat na 77 79 komt, maar hier is het 81. ‘Ooit is hier een vliegtuig neergestort’, zegt hij. Mijn interesse is gewekt. Het blijkt te gaan om een Lockheed T-33 Shooting Star die op 22 september 1956 in de Eindhovense wijk Strijp crashte.
Het was mooi zonnig weer toen sergeant-vlieger Arie de Jong vanaf de militaire vliegbasis Welschap het luchtruim koos voor zijn eerste solovlucht. De opdracht van de Koninklijke Luchtmacht was dat hij een verkenningsvlucht zou maken, gevolgd door enkele landingen op vliegbasis Volkel. De pasgetrouwde kersverse jachtvlieger had die ochtend tegen zijn inmiddels zwangere vrouw gezegd dat hij tijdens die vlucht als groet laag over hun woning in de Bergen op Zoomstraat zou vliegen. Voor haar genoeg reden om in een slagerswinkel die zich in diezelfde wijk bevond, vol trots kenbaar te maken dat haar man tegen tweeën zou komen overvliegen.
Alsof er een landing werd ingezet
Volgens ooggetuigen cirkelde de Lockheed T-33 enkele keren hoog rond boven het stadsdeel Strijp. In de Bergen op Zoomstraat was Jan Kortooms op dat moment niets vermoedend doende met het poetsen van zijn brommer. Niets aan de hand nog. Totdat enkele mensen zagen dat de straaljager schuin en laag op hun woonwijk kwam aanvliegen, alsof er een landing werd ingezet. Op dat moment zal De Jong de machine algauw niet meer voldoende in de hand hebben gehad. Wel zou hij nog enkele pogingen hebben gedaan de Lockheed op te trekken, gezien het feit dat delen van de tiptanks zijn teruggevonden op enige afstand vóór het eerste huis, dat geramd werd. Maar inmiddels bevond het toestel zich dermate laag boven de Zeelsterstraat, dat het in aanraking kwam met een televisieantenne. Vervolgens werd een stuk van het dak en de zijgevel van de aangrenzende woning afgeslagen.

In lichterlaaie
Tevergeefs maakte Arie de Jong gebruik van zijn schietstoel terwijl de Lockheed T-33 als een ziedend projectiel een vernielend spoor aanrichtte. In de Zeelsterstraat explodeerde een van de brandstoftanks. Een regen van brandende kerosine stoomde over de reeds deels vernielde daken van meerdere huizen die dan ook in een mum van tijd in lichterlaaie stonden. Het brandende vliegtuigwrak schoot door richting Bergen op Zoomstraat, passeerde een onbebouwd gat in deze huizenrij en explodeerde tegen de muur van nummer 81. Vervolgens werkte het zich door drie binnenmuren heen en kwam uiteindelijk tot rust in een van de slaapkamers van nummer 83.

Wie is de vlieger
De echtgenote van Arie de Jong liep meteen na de crash vertwijfeld over straat, iedere politieman en iedere militair aanklampend met de woorden: ‘Wie is de vlieger, zeg mij in Godsnaam wie de vlieger is, het moet mijn man zijn.’ Zijn verkoolde lichaam en ook de schietstoel waarmee hij zich vergeefs had proberen te redden, werden in de straat waarin hij woonde teruggevonden. Ook de met zijn brommer bezig zijnde Kortooms overleefde de ramp niet. Volgens de ene berichtgeving kreeg hij een brok metaal tegen zijn hoofd en was hij op slag dood, volgens een andere werd hij een eind weggeslingerd en vond daarbij de dood. Ruim twintig personen raakten gewond, waaronder ook enkele kinderen. Zij liepen brand- en snijwonden op, negen van hen moesten in het ziekenhuis worden opgenomen.
Beperkt
Dat het aantal slachtoffers zo beperkt bleef ondanks dat zeven huizen volledig verwoest werden en acht zwaar beschadigd raakten, staat niet los van het feit dat veel bewoners op dat moment buitenshuis waren. Het weer was te mooi om er niet op uit te trekken. Bovendien waren er in de binnenstad bevrijdingsfeesten gaande, met onder meer een bloemencorso. Maar ook diverse reddingsacties zorgden ervoor dat ‘oude mannen, vrouwen, zuigelingen en een invalide’ aan de dood konden ontsnappen.
‘Een grote verrassing’
Al had er geen contact plaatsgevonden met de verkeerstoren van Vliegbasis Welschap, de manoeuvres van De Lockheed T-33 waren niet opgemerkt gebleven. Onmiddellijk werden de brandweer van de basis en hulppersoneel naar de plaats van de ramp gedirigeerd. Toen de telefonische melding bij de Eindhovense brandweer binnenkwam dat er een straaljager in het dichtbevolkte stadsdeel Strijp was neergestort, was dat ‘een grote verrassing’, meldt het brandweerverslag over de crash. ‘Op dat moment was buiten de activiteit van enige zich op zeer grote hoogte bevindende vliegtuigen, niets bijzonders waargenomen.’ Wel hield de brandweer rekening met de mogelijkheid van een vliegtuigongeluk: ‘In de laatste jaren hebben er reeds aan alle kanten van de stad noodlandingen en valpartijen — zowel met als zonder dodelijke afloop voor de piloten— plaatsgevonden. De voor de hand liggende reden hiervan is dat de militaire vliegbasis Welschap zich praktisch tegen de zuidwestkant van de stad bevindt, zodat bij het starten en landen veelal laag over dat bewoonde stadsdeel moet worden af- en aangevlogen.’ De gemeentebrandweer arriveerde met zes wagens, terwijl ook de Philips-brandweer werd opgeroepen. In betrekkelijk korte tijd kon het vuur worden bedwongen.

© (Peter) P.F.G.H. Snellen / Historische Collectie van Brandweer Eindhoven
Behalve dan dat ene
Met de opruimingswerkzaamheden werd algauw begonnen. Behalve militairen hielpen ook verkenners, padvinders en burgers mee. De inboedels werden, voor zover gered, op grote wagens van Philips en de luchtmacht geladen en afgevoerd naar hangars op het vliegveld. Een groot deel van de getroffen gezinnen kon worden ondergebracht in de officiersmess op de vliegbasis en in de logeerruimte van het kamp Beatrix aan de Oirschotsedijk. Een ander deel vond onderdak bij familie of vrienden. Er werd een regeling getroffen, dat de slachtoffers tegemoet zouden worden gekomen door de Dienst van Sociale Zaken van de gemeente Eindhoven om te kunnen voorzien in de allereerste behoeften. De herbouw van de woningen liet niet lang op zich wachten. Nu is er in de Eindhovense wijk niets meer terug te vinden dat nog aan de ramp met de Lockheed T-33 herinnert. Behalve dan dat ene ontbrekende huisnummer. Je moet er maar net op geattendeerd worden…



Dat vergeet ik nooit meer
Een enkele keer besteedden de media toch nog wel enige aandacht aan het verongelukken van de Lockheed T-33. Zo vertelde inmiddels alweer zes jaar geleden Petra van den Hurk-Gerlag in herinnering aan de crash: ‘Mijn vriendin en ik liepen door een gangetje naar de Bergen op Zoomstraat en kwamen in de vuurzee terecht. Ik raakte verbrand door de kerosine aan mijn armen en benen, we waren elf jaar’. En Annie van Hoof-Denkers: ‘Mijn nichtje en ik waren in het gangetje aan het spelen. Ik hoor moeder nóg gillen waar wij waren. Dat vergeet ik nooit meer.’ Onlangs nog deelde de inmiddels 80-jarige Stijn Donga haar herinneringen aan de dag waarop de Lockheed T-33 in haar straat verongelukte. Ze was op weg naar de scouting toen ze opeens een gierend geluid hoorde. Ze herkende het geluid als afkomstig van een straaljager. ‘Ik werd bang. Ik dacht: die stort neer, als dat maar niet in mijn straat is. Als er maar niets met mijn ouders gebeurt.’ Snel fietste ze terug. ‘Mijn ouders waren ongedeerd. Gelukkig. (…) Deze vliegramp vergeet ik nooit meer. Die dag van de crash zie ik zo voor me.’ Saillant detail: Stijn woont heden ten dage zelf niet in de Bergen op Zoomstraat maar wel in Bergen op Zoom.
Een soortgelijke crash vond plaats in Apeldoorn: Vliegramp Apeldoorn 1946



Uddel
MBO