Marjan Rintel, CEO van KLM, is niet te spreken over de verhoogde vliegbelasting, die gisteren op Prinsjesdag aangekondigd werd.
Het demissionaire kabinet maakte bekend dat voor 2027 drie verschillende tarieven gaan gelden. Voor korte vluchten (tot 2.000 kilometer vanaf Amsterdam) blijft de € 29,40 per passagier gelden, terwijl voor middellange afstanden (2.000 tot 5.500 kilometer) een bedrag van € 47,24 van kracht gaat zijn. Op de lange vluchten (meer dan 5.500) gaat een vliegbelasting van € 70,86 geïntroduceerd worden.
Uitwijken naar luchthavens over de grens
Veel Nederlanders kiezen momenteel al om vanaf luchthavens vlak over de grens te vliegen, omdat het vanaf daar goedkoper is. In België geldt bijvoorbeeld een vliegbelasting van 10 euro per passagier. Rintel verwacht dat door de verhoging nog meer reizigers hiervoor kiezen. ‘Deze vliegbelasting maakt Nederland op alle afstanden het duurste land van de Europese Unie. Een verdere verhoging van de vliegprijs, door een hogere vliegbelasting maar ook door de havengelden, zal leiden tot een verdere verschuiving van reizigers naar luchthavens over de grens, zoals Brussel en Düsseldorf’, aldus de KLM-topvrouw, die constateert dat Nederlanders erg prijsbewust zijn, in een verklaring.
Meer investeren in duurzame luchtvaart
De opbrengsten van de vliegbelasting gaan momenteel naar de schatkist. Hierdoor kan volgens Rintel niet geïnvesteerd worden in vlootvernieuwing en het gebruik van sustainable aviation fuel (SAF), iets waar KLM juist op wil inzetten. ‘Gezinnen die honderden euro’s betalen aan vliegbelasting mogen tenminste verwachten dat hun geld ook echt bijdraagt aan minder uitstoot’, zegt de CEO van KLM.



Uddel
MBO