Hoewel luchtvaartmaatschappijen op individuele basis een vliegverbod kunnen instellen, bestaat er niet zoiets als een integrale zwarte lijst. Daarmee zou iemand na een vergrijp bij de ene airline ook niet meer in het vliegtuig van een andere kunnen stappen. Zo’n lijst komt er echter niet zomaar. Het probleem zit hem in de privacywetgeving.
Het is een grote ergernis voor overige reizigers en voor cabinepersoneel een drama: passagiers die zich in en rondom het vliegtuig misdragen. Geregeld komt het voor dat passagiers overlast veroorzaken door bijvoorbeeld geweldpleging of overmatig drankgebruik. Of neem het recente incident waarbij een man via AirDrop een foto van een neergestort vliegtuig verstuurde naar zijn medepassagiers. Hij kreeg bij Transavia een vliegverbod van vijf jaar, maar het is momenteel niet te voorkomen dat hij bij een andere maatschappij instapt. Zelfs met moedermaatschappij KLM worden vooralsnog geen gegevens uitgewisseld.
Een luchtvaartbrede zwarte lijst komt namelijk maar niet van de grond, ondanks de grote overeenstemming onder politici, luchtvaartmaatschappijen, piloten en cabinepersoneel. En dat terwijl toenmalig demissionair minister van Infrastructuur en Waterstaat Barbara Visser een jaar geleden al zei dat de luchtvaartsector ’op zeer korte termijn’ een aanvraag zou doen bij de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) voor een gedeelde zwarte lijst. Die aanvraag ligt er echter nog steeds niet. En zelfs als deze wel wordt ingediend en goedgekeurd, is dat eigenlijk nog niet voldoende. ‘[..] Dat geldt dan alleen voor luchtvaartmaatschappijen binnen Nederland. Als je dit Europees wilt regelen, kan dat niet via ons’, zo laat een woordvoerder de privacywaakhond weten aan De Telegraaf.



Verschillend
VWO